Proloog 1

'Holy Shit'

Vrijdag 13 november 2015, 21.40 uur, concertzaal Le Bataclan, Parijs

‘Allahoe akbar!’ klinkt door de zaal. God is groot. Ik lig op mijn rug bovenop een stapeltje andere mensen. Hoeveel het er zijn, weet ik niet precies. Hoe lang lig ik hier al? Een minuut? Een uur? Geen idee. De tijd lijkt stil te staan. Het is doodstil. Het enige geluid dat ik hoor, is het zware ademen van de mensen die onder mij verstrengeld liggen. Je hoort de doodsangst. Je voelt hem ook. Dit is echt.

Daar lig ik dan. Met al mijn spaargeld op de bank, al mijn opgekropte boosheid en al mijn angsten. Waarom heb ik altijd zoveel gewerkt, waarom ben ik altijd boos op alles en iedereen, waarom doe ik altijd zo moeilijk? Waarom loop ik nu weer zo te rotzooien met een halve relatie? Het maakt allemaal niks meer uit. Mijn leven eindigt zo. Mijn brein vertelt het mij, alsof het wil zeggen: het is goed zo, hou je rustig, blijf maar lekker liggen, straks is het klaar.

 

Ik had nooit gedacht dat mijn leven zo zou eindigen. Met meer dan duizend man lig ik hier, maar toch voel ik me eenzaam en alleen. Dit is dus de plek waar mijn leven ophoudt. In stilte op de vloer van een concertzaal, in Parijs nota bene. Ik was hier tot vandaag fucking twintig jaar niet geweest.

Het blijkt dus echt zo te zijn: wanneer je denkt dat je doodgaat, flitst je leven aan je voorbij. Ik zie een zee, een mooie golf, een spierwit strand. Mexico volgens mij. Playa del Carmen. Het mooiste strand dat ik ooit in mijn leven heb gezien. In de golf zie ik mezelf; als baby, peuter, tiener, volwassene, en abrupt weer hier in Parijs. Het is haast alsof je brein het je nog even snel allemaal wil laten zien. Nu voor de laatste keer.

De kogel komt. Daar ben ik honderd procent van overtuigd. Drie Kalasjnikovs zijn op mij gericht. Ik sluit mijn ogen en wacht tot alles zwart wordt.

 

---

 

Woensdag 21 augustus 2019, gebouw van de Verenigde Naties, Wenen

Waarom heb ik hier in godsnaam ‘ja’ tegen gezegd? Het zweet breekt me uit. Mijn hart klopt in mijn keel en ik voel me knetternerveus. Ik zit in een grote vergaderzaal van de Verenigde Naties in Oostenrijk. Ik kijk uit over een U-opstelling van tafels met daaraan allemaal internationale gasten die elk een naambordje voor hun neus hebben staan. Naast hun naam staat op het kaartje ook uit welk land ze komen. Qatar, Japan, Kazachstan, België, Verenigde Staten en ga zo maar door. De tafel waaraan ik zit staat los van de U-opstelling, recht boven het open gedeelte. Ik zit namelijk aan de sprekerstafel en moet zo een presentatie geven.

Laat dat even tot je doordringen: IK MOET ZO EEN PRESENTATIE GEVEN VOOR DE VERENIGDE NATIES!

 

Ik, die niet voor groepen durfde te spreken, moet zo een lezing houden in het Engels voor een nogal intimiderend gezelschap. Althans, zo voelt het voor mij. Ik ben letterlijk de enige in de zaal die niet in pak is gekomen. De sfeer is om te snijden en ik heb nog niemand zien lachen.

Dit is het zoveelste stapje buiten mijn comfortzone. Want wat blijkt? Ik ben goed in het toespreken van grote groepen mensen. Dat waar ik vroeger doodsbang voor was, is nu mijn fulltimebaan. Ik kan het zelf soms nog nauwelijks geloven. Het is allemaal zo bizar snel gegaan. Het lijkt soms net alsof ik droom. Ik kom als spreker op plekken waarvan ik niet had durven dromen dat ik er ooit voor mijn werk heen zou gaan. Las Vegas, San Diego, New York City, San Francisco, Los Angeles, Palm Springs en als klap op de vuurpijl Honolulu op Hawaii. Hoe dan?! En de achtbaan dendert maar door, want vandaag ben ik hier in het prachtige Wenen. Al moet ik zeggen dat de plek waar ik voor de VN spreek erg grauw en industrieel is. Maar holy shit, ik sta er maar wel.

 

Ik kreeg deze aanvraag pas een week geleden. Via LinkedIn kwam het volgende berichtje:

Beste Ferry, dank voor het accepteren van mijn LinkedIn uitnodiging. Mag ik zo brutaal zijn om je een vraag te stellen?

Zoals je mogelijk hebt kunnen lezen op mijn LinkedIn-profiel houd ik mij met mijn team bezig met allerlei vormen van radicalisering, extremisme en polarisatie. Van onze internationale partners hebben wij de vraag gekregen of wij iemand uit Europa willen voordragen als spreker op een internationale herdenkingsbijeenkomst over overlevenden en slachtoffers van terroristische aanslagen. De vragende organisatie is de Verenigde Naties en dit zou plaatsvinden op 21 Augustus in Wenen. Nou kan ik me voorstellen dat ik je overval met deze vraag maar ik wilde jou voordragen.

Ik hoor graag van je. Najib

 

Mijn eerste reactie was: ik vind het doodeng. Maar ik ga wel. Hell yeah. De timing is wel wat onhandig. Ik ben namelijk net een heel weekend op Lowlands geweest. Dat is een van de grootse muziekfestivals van Nederland. Een waar walhalla voor mij. Sinds 2001 ben ik bijna elk jaar het hele weekend op het festival te vinden. Bijna al mijn favoriete bands zie ik daar: Queens of the Stone Age, System of a Down, Iggy Pop, Mark Lanegan en TOOL. Nooit had ik durven dromen dat ik ooit zelf aan de line-up van dit festival toegevoegd zou worden. Ja, ook dat lees je goed. Ik, Ferry Zandvliet, stond op Lowlands in 2018. Ik mocht daar een korte pitch houden. Een van de vele onwerkelijke ervaringen die ik heb gehad sinds die vreselijke nacht in 2015.

 

Voor de presentatie vandaag in Wenen ben ik een dag eerder terug- gekomen van mijn favoriete festival. Ik wilde me goed voorbereiden. Van de organisatie heb ik te horen gekregen dat ik slechts twaalf minuten spreektijd heb. Dat vind ik zo lastig. Geef mij een uur en ik klets het tegenwoordig met gemak vol. Maar zo’n kort tijdslot is gewoon moeilijker. Je kunt niet improviseren, elke zin moet raak zijn. Ik ben de laatste spreker vandaag. Ik zit al zo’n veertig minuten dood te gaan terwijl ik luister naar alle mannen in pak. Wat ze te zeggen hebben gaat compleet langs me heen. Dit is een nieuw soort zenuwen die ik in mijn sprekerscarrière niet vaker heb ervaren.

 

Als het eindelijk zover is en ik aangekondigd word, vergeet ik mijn aantekeningen mee te nemen naar de desk waar ik moet spreken. Toch weet ik de twaalf minuten redelijk soepel vol te praten. Ik vertel uitgebreid over de aanslag, de mediahectiek, de tegenvallende hulp die wij kregen toen we terugkwamen in Nederland, PTSS, mijn con- tact met de vader van een van de terroristen én hoe de aanslag mij een gelukkiger mens heeft gemaakt. Een daverend applaus volgt en ook deze ervaring kan ik weer van mijn bucketlist afstrepen. Die lijst wordt steeds korter.

 

Als ik in mijn hotel aankom, lees ik de volgende tweet op het officiële kanaal van de Verenigde Naties: “It’s you who decides whether you are a victim or a survivor.” Ferry Zandvliet on rejecting hate & forming a friendship with the father of the terrorist who tried to kill him. He is sharing the truth of his experience which helps to aid healing and advance understanding.

 

Hoe heeft het zover kunnen komen? Hoe heeft de horrornacht in 2015 mijn leven zo kunnen verrijken? Hoe heeft de Bataclan-aanslag dat boze mannetje in mij laten verdwijnen en mij gelukkiger gemaakt? Ja, je leest het weer goed: op het randje van de dood balanceren, dat wat de grootste angst voor velen is – ook voor mij – heeft mij een blijer, een meer tevreden en misschien wel beter mens gemaakt.

Hoe? Ik weet het soms ook niet meer. Ik ga het proberen uit te leggen.